’t Hart werd door het infarct getroffen toen hij ’s nachts naar de wc liep en onwel werd. Bij aankomst in het ziekenhuis deed zich nog een complicatie voor, hij bleek ook een longontsteking te hebben. Die combinatie leidde tot een IC-opname waarbij voor het leven van ’t Hart werd gevreesd.
“Om 04.00 uur zei de arts: we moeten je vrouw maar bellen, dan kan ze afscheid komen nemen”, zegt ’t Hart. “Dat vond ik vreselijk akelig. Niet voor mezelf, maar voor haar. Het was koud en dan midden in de nacht naar het ziekenhuis. Ik zei: doe dat nou niet, laat haar nou rustig slapen.”
Rechterhand gevoelloos
De arts probeerde desalniettemin de partner van ’t Hart te bereiken, maar zij hoorde de telefoon niet. Uiteindelijk herstelde ’t Hart weer. Angst voor de dood heeft hij niet gehad. “Het verbazingwekkende is dat ik niet bang was. Totaal niet. Nou ja, dacht ik, dan ga ik dood.”
Hoewel hij door het herseninfarct even verlamd raakte en niet kon praten, is ’t Hart goed hersteld. Wel is zijn rechterhand nog altijd gevoelloos. Na zijn herstel onderging ’t Hart in april een operatie vanwege twee lekkende hartkleppen. ’t Hart is thuis en werkt aan zijn herstel. Werken als schrijver of bioloog doet hij voorlopig niet meer, of zijn laatste boek, waaraan hij voor zijn ziekenhuisopname begon, ooit afkomt is nog maar de vraag.